Tagarchief: Jacobus van Veen

Zandschipper Jacobus van Veen

Van mijn voorouders is stamvader Jacobus van Veen de onbekendste. Hij is rond 1735 in Voorburg geboren en trouwt daar in 1762 met Catharina van Toulon. Jacobus is katholiek, zij is protestant. Voor hem geeft zij haar geloof op en dat zorgt al voor genoeg raadsels. Mogelijk heeft Jacobus altijd in Voorburg gewoond. Pas circa twintig jaar na zijn overlijden vertellen aanverwanten iets over zijn werk. Hij was bij leven onder meer zandschipper.

Het is een wankele basis, maar zandschippers genoeg in Voorburg. Volgens het Canon van Leidschendam-Voorburg waren er vooral na 1550 veel zandschippers actief. ‘In Voorburg ontstond zelfs een speciale zandschipperswijk, rond de Schoolstraat en de Kerkstraat. Ook de inwoners van Veur hielden zich bezig met het vervoer van zand, afkomstig van de oude strandwal. Dit werd gebruikt voor de aanleg en het onderhoud van wegen, of om te vermengen met de zware kleigrond zodat de boeren dit beter konden bewerken.’

Het zand lag bij Voorburg voor het opscheppen dankzij een oude strandwal. Vervolgens kon men het makkelijk via de nabijgelegen Vliet over water vervoeren. Hoe dat transport er uit zag, toont een schilderij uit 1887 van Jozef Israëls. Het is aannemelijk dat ook Jacobus op deze manier het zand vervoerde. Dit schilderij staat symbool voor ‘de zware tocht die het menselijk leven is’ (Bron en collectie: Rijksmuseum).

Het gemengde huwelijk van Jacobus en Catharina werd in elk geval sterk afgekeurd door haar familie. Uiteindelijk krijgt het paar zeven kinderen, van wie er vier in Delft trouwen. Zijn ze als gezin naar die stad verhuisd? Het blijft een vraag.

Op 10 mei 1805 wordt in Voorburg ‘Aangeeving gedaan van het lijk van Jacobus van Veen A:z: Pro Deo.’ Als dit onze Jacobus is, dan is hij daar arm gestorven. Nog in 1857 vermelden twee ‘bedienaars ter begrafenis’ bij het overlijden van zijn dochter Maria in Delft dat Jacobus koetsier is geweest en dat hij in Voorburg is overleden. Maar tegen die tijd weet al niemand meer precies hoe en waar hij heeft geleefd.

PS: Heeft u meer informatie over dit gezin Van Veen (zie pdf vanaf pagina 43), dan is dat zeer welkom.

(Bron afbeelding bovenaan: Erfgoed Leiden en Omstreken, aquarel J.E. Kikkert, eind 19de eeuw, g

(Bron afbeelding midden: Foto Karin van Veen, van het schilderij De zandschipper (tussen Rijswijk en Voorburg). Zie verder https://www.rijksmuseum.nl/nl/collectie/SK-A-2984.)

 

Wat ze deden voor de kost

Hout, verf, staal en elektriciteitskabels. Daarmee werkten mijn vader en ooms om de kost te verdienen. Hun beroepen getuigen van technisch inzicht en een praktische instelling. Als kinderen van hun tijd hadden mijn tantes vooral zorgtaken. Dat vertelt ons minder dan de beroepskeuzes van de mannen. Zou er een verband zijn met de keuzes die hun voorvaders maakten?

Opa Leonardus van Veen op de motor van oom Ton Bredewold

Opa Leonardus van Veen op de motor van oom Ton Bredewold

Opa Leonardus van Veen werkt met voertuigen en staal. Zo is hij smid, rijwielreparateur en stallinghouder bij station Hollands Spoor in Den Haag. Daarna wordt hij mestschipper, fietsenmaker en stoomwalsmachinist. Nog later is hij onderhoudsmonteur in de remise van de Blauwe Tram. En thuis bouwt hij roeiboten. Die man kon kennelijk met elk vervoermiddel overweg. Hij maakt ook tollen en hoepels voor zijn kinderen en verbouwt zelf groenten.

Zijn vader, weer een Leonardus, is arbeider en melkverkoper. Hij doet ongeschoold werk. Diens vader Anthonie van Veen stierf al toen hij nog een baby was. Anders had hij vast beter werk gehad. Want Anthonie was logement en stalhouder, én meester wagenmaker. Hij laat als rijtuigen een ‘vigilant’, een speelwagen, een ‘tilberie’ (tilbury) en een wagentje na. Kijk, daar hebben we de techniek en de voertuigen weer.

Nog een generatie verder stuiten we op Adrianus van Veen. Adrianus is lakenwerker, portier van de Koepoort in Delft, brandersknecht (jenever) en wolwasser. Tijdens zijn leven gaat het in Holland economisch slecht. Daarom pakt hij alles aan om zijn brood te verdienen. Juist met brood bakken schopt één van zijn zoons het ver. Die wordt, omgerekend naar huidige bedragen, miljonair.

Tot besluit is daar Jacobus van Veen, die met Catharina van Toulon in Voorburg woont. Hij is van beroep (zand)schipper en koetsier. Zo komen we opnieuw uit bij vervoermiddelen en kennis van techniek. Want als er onderweg iets kapot gaat, moet hij het kunnen repareren. Blijkbaar hebben mijn vader en ooms hun handigheid en technische inzicht niet van vreemden.

Catharina van Toulon

Sommige voorouders spreken zeer tot de verbeelding. Voor mij is Catharina van Toulon zo iemand. Als telg uit een voornaam protestants geslacht in Dordrecht trouwt zij in 1762 met Jacobus van Veen. Haar vader is ‘ontvanger van de convooien en licenten’, ofwel belastingontvanger. Opa Van Toulon is ‘commis ter recherche bij de Admiraliteit op de Maas te Rotterdam’. Bovendien zijn haar opa van moederszijde en oom van vaderszijde beiden predikant. Jacobus van Veen is echter katholiek. Binnen haar protestantse familie met godsdienaren moet die keuze voor hem streng zijn veroordeeld.

Catharina’s vader overleed toen zij tien jaar was. Kort na haar 25ste begint zij aan ‘een jaar belijdenis van de Roomsche Religie’. Zij is dan oud genoeg om zonder toestemming van haar moeder of voogd te trouwen. Na afloop van dat jaar staat niets het huwelijk met Jacobus nog in de weg. Maar Catharina tekent kennelijk voor verstoting door haar bloedverwanten.

Huwelijk Jacobus van Veen en Catharina van Toulon 1762

Jacobus van Veen en Catharina van Toulon, Delft 1762

Ik neem aan dat zij behoorlijk eigenzinnig was. Toch weet ik vrijwel niets over haar. Bij genealogisch onderzoek vind je soms informatie waardoor je je een bepaalde voorstelling van iemand maakt. Ontdek je daarna gegevens die in een andere richting wijzen, dan blijk je er toch naast te zitten. Dat is mij herhaaldelijk overkomen.

Regelmatig ontmoet ik mensen die over hun leven vertellen. Stel dat ik Jacobus en Catharina zou kunnen spreken, dan zou ik ze het hemd van het lijf vragen.

Want hoe en waar hebben jullie elkaar ontmoet? Hoe verliep jullie verkeringstijd en wat vonden jullie aantrekkelijk aan elkaar? Hoe reageerden jullie vrienden en verwanten? En toen jullie op het matje werden geroepen door geloofsgenoten, hoe reageerden jullie daarop? Vonden jullie steun bij elkaar?

Catharina, hoe is het laatste contact met jouw familie verlopen? Ben je ooit nog in Dordrecht terug geweest? En waar woonden jullie precies in Voorburg? Bij de doop van al jullie kinderen zijn steeds twee familieleden van Jacobus aanwezig. Welke rol hebben die twee in jullie verdere leven gespeeld?

Jullie leefden rond 1800 in een woelige politieke periode en maakten de economische teruggang mee. Wat waren de gevolgen daarvan op jullie persoonlijke situatie? En welke invloed hebben jullie levenservaringen op de opvoeding van de kinderen gehad?

Toen jullie aan het eind van jullie leven kwamen: hoe keken jullie daar op terug? Waar waren jullie trots op en blij mee? En wat zouden jullie anders hebben gedaan?