Tagarchief: Piet Knijnenburg

Dankzij Piet Knijnenburg gestuit op goudader

Op 15 juni 2017 stond er een necrologie over oud-TT-coureur Piet Knijnenburg in de Volkskrant. Ik zat meteen op het puntje van mijn stoel. Want wij hadden toch via mijn overgrootmoeder Clasina Knijnenburg motorrijders in de familie? Vroeger reed er weleens een op zijn motor vanuit Wassenaar naar opa en oma Van Veen op de Vrouwenweg, zo werd verteld. Zou dat de overleden man uit het krantenbericht zijn?

Deze Piet Knijnenburg was in 1918 geboren en kwam net als Clasina uit Wassenaar. Op internet stonden meer berichten over zijn dood. Ik nam contact op met journalisten en contactpersonen. Al snel bood bijna-naamgenoot Peter Knijnenburg uit Wassenaar een aanknopingspunt. Hij kon melden wie de ouders van deze coureur waren: Cornelis Josephus Knijnenburg, geboren op 22-03-1876 in Wassenaar, en Clasina Overdevest. Dit paar kreeg tien kinderen, waarvan Piet de jongste was.

Met de namen van deze ouders ging de zoektocht op internet door. Want ik kon Cornelis Jozef Knijnenburg niet direct thuisbrengen. Eigenlijk was ik nog nauwelijks aan de familie Knijnenburg toegekomen. En zo vaak kom ik niet meer in Wassenaar. Hoe mooi zou het zijn om een complete stamboom te vinden, verzuchtte ik menigmaal.

Welnu, zelden ben ik zo goed op mijn wenken bediend. Want Cornelis Jozef Knijnenburg staat keurig vermeld in de stamboom van familie De Kleine. Die leidt regelrecht naar onze gezamenlijke voorouders. Want de bed-bed-overgrootouders van motorcoureur Piet zijn Jacob Dircksz. Konijnenburg (1735-1810) en Crijntje Willemsdr. Beijersbergen van Henegouwen (1738-1812). En daar stamt ook overgrootmoeder Clasina van af. Hoewel de lijn zo ver terug gaat, hebben nakomelingen kennelijk al die tijd contact gehouden.

De familie Knijnenburg en de aangetrouwde geslachten bevolken al eeuwenlang het platteland rond Den Haag. Ze waren vroeger vaak boer en sterk verbonden met het land. Wassenaar is hun hoofdgemeente. Maar ook andere dorpen zijn hen vertrouwd. Zoals: Voorschoten, Veur, Voorburg, Monster, Loosduinen, Wateringen, Eikenduinen en Haagambacht. We kunnen hun sporen zelfs nu nog vinden in het Haagse Zuiderpark.

Onlangs reed ik met bus 45 van Leiden naar Voorburg. Onderweg zag ik al drie nieuw ontdekte familienamen: Hoogwerf, Dobbe en Roosenburch. Over enige tijd verschijnt hier een uitvoerige aanvulling over deze verwanten. Maar de belangrijkste links naar het verhaal over Piet Knijnenburg en onze gezamenlijke voorouders wil ik nu alvast met u delen.